Menu
Vereniging Trainingen Media VNVA events

Ei, Foetus, Baby

Gerecenseerd door: Betty Meyboom - de Jong


Ei, Foetus, Baby, Trudy Dehue

Het is een erudiet geschreven geschiedenis, gebaseerd op historische bronnen en publicaties. Het is meer dan een nieuwe geschiedenis van zwangerschap, het is veel meer. Het is ook de geschiedenis van het afbreken van zwangerschap, via zelfzorg, door priester-moordenaars en door artsen. Het verhaalt tevens hoe technische vooruitgang onze perceptie en beeldvorming beïnvloedt. Door de echo werd een negencellige morula <bevruchte eicel> al ‘mijn kleintje’ genoemd. Het vertelt tevens hoe door de eeuwen heen mannen- in politiek, kerk en (medische) praktijk - hun macht misbruikten en over vrouwen beschikten.

Achtereenvolgens vertelt Dehue hoe het proces van bevruchting en zwangerschapsontwikkeling is ontdekt door onderzoekers die vanaf de 17e eeuw via kijken, voelen en proeven het (bevruchte) ei vanaf zijn vroegste stadia en uiteindelijke de pasgeborene in kaart brachten. De onderzoekers ontwikkelden een kalender van de zwangerschapsontwikkeling met behulp van zwangerschapsproducten verkregen via spontane misbevallingen, later uit hysterectomieën. Na kijken, proeven en voelen werden de onderzoeksmethoden steeds technischer. Eerst kwam het onderzoek met de microscoop, gevolgd door dat met röntgenstralen, waarmee volledige zwangerschappen gevolgd werden zonder de vrucht te beschermen, terwijl de schadelijke gevolgen bekend waren. Tenslotte kwam de echo. Sindsdien wordt het bevruchte ei en de foetus als een baby’tje gepercipieerd en afgebeeld. Aan de vrucht werd een plantaardige ziel toegekend, vervolgens een dierlijke en daarna een menselijke, hoewel er discussie was op welk moment. Zodra de vrucht een menselijke ziel kreeg werd de vrucht geclaimd door de RK kerk met ontstellende gevolgen.

Vanaf het derde hoofdstuk komt het afbreken van de (ongewenste) zwangerschap aan de orde: Eerst deed de vrouw moeite haar ‘maandstonden’ op te wekken bij uitblijven van de menstruatie met allerlei middelen: zelfzorg. Tot de kikkerproef en de zwangerschapstest in de 20ste eeuw werden ontwikkeld voelde een vrouw pas dat ze zwanger was enkele maanden na de bevruchtende copulatie. Indertijd kon dat nog in twijfel worden getrokken na een buitenechtelijke vrijpartij door de verwekker, vaak de heer van het dienstmeisje of de baas van de arbeidster. Die ging vrij uit, de smaad trof de vrouw.

Toen eenmaal een ziel aan de zich ontwikkelende foetus was toegekend, moesten de dienaren van de RK-kerk alles doen om als een bevalling dreigde mis te gaan de levende ongeborene te dopen met zuiver water op het onbehaarde hoofd, want een ongedoopte ziel was verdoemd. Dit ging ten koste van het leven van de vrouw, die als ‘overleden tijdens de bevalling’ werd geregistreerd. Priesters werd in hun opleiding het opensnijden van de baarmoeder, de sectio caesarea, geleerd. Allemaal beschreven in de Embryologia Sacra door Cangiamila, lid van de Pauselijke Inquisitie. De snel gedoopte en geredde zielen overleefden deze behandeling niet. Daarna werd de abortus provocatus, oorspronkelijk een term voor een medisch verrichte miskraam bij levensgevaar van de vrouw door artsen geclaimd. Zij zagen de complicaties van de door anderen verrichte afbreking en spraken dan van abortus provocatus criminalis. De damesdeskundigen gingen nu aborteuses heten.

In 1911 werd door de Katholieke Minister van Justitie de zedelijkheidswet ingevoerd. Die verbood het tonen en verschaffen van voorbehoedsmiddelen en ook het aanbieden van diensten tot ‘misvallen’.

Door de vrouwenemancipatie in de 20ste eeuw werden de vrouwen steeds mondiger en eisten verandering. In 1984 werd met een meerderheid van één stem de wet afbreking zwangerschap aangenomen, waarbij de vrouw nog wel vijf dagen bedenktijd moest betrachten, een motivatie gesprek met de arts moest voeren en de beëindiging van de zwangerschap in ziekenhuis of abortuskliniek plaats moest vinden.

Sindsdien kan met mifoprostol en mifepriston een ongewenste bevruchting worden voorkomen en ‘de maandstonden’ zelf thuis zonder tussenkomst van een deskundige worden opgewekt. Deze abortuspil door Dehue allroundpil genoemd, nu via een recept of via internet verkrijgbaar, zou vrij verstrekt moeten worden zoals de WHO aanbeveelt.

Dehue schrijft vermakelijk, zoals in hoofdstuk 2 over een blastula, een negencellige vruchtje, dat de naam Dominic kreeg omdat de onderzoeker tijdens zijn onderzoek naar de radio luisterde en hoorde dat Dominic DI Maggio, een bekende honkbalspeler van de Boston Red Sox een double scoorde. Gewoonlijk werd noch de vrouw van wie de vrucht afkomstig was noch de vrucht bij name genoemd. Het zwangerschapsproduct kreeg een nummer en de naam van de arts of professor die het preparaat aanleverde.

Dehue schrijft zelf dat zij geen feministisch onderzoeker is. Ik ben het daar niet mee eens. Haar betrokkenheid bij de vrouwen die dit allemaal overkwam en haar verontwaardiging daarover maken haar voor mij tot een feminist pur sang. “Zwangerschap was eeuwenlang een even onvermijdelijke als gevaarlijke aangelegenheid voor vrouwen, waarbij hun buik om meerdere redenen is geopend”. Een must voor alle artsen, in opleiding, gevestigd en gepensioneerd.

Sluiten
X Zoek